Category Archives: Uncategorized

#metoo

Wat dapper dat ook jij op deze pagina terecht bent gekomen en besloten hebt om door te lezen en je hoofd niet om te keren. Ik heb een week getwijfeld, moest ik dit schrijven? Was wat ik had meegemaakt ” erg genoeg”? Wat zouden al die lieve goede mannen hier wel niet van denken; ik ben niet tegen mannen, ik houdt van hen. Maar voor alles is een tijd en een plaats en nu gaat het over vrouwen die nare ervaringen hebben met wat mannen hebben gedaan. Door het niet te delen maak ik lieve mannen niet minder lief en foute mannen niet minder fout. Ik geloof niet meer in deze tweedeling. Vaak gebeuren “seksueel verkeerde acties” namelijk niet in de bosjes met een vreemde zoals ik als kind dacht. Het gebeurt met mensen die nabij zijn en die je soms dagelijks ziet.

Acte 1, vlak voor het einde: Ik zit op de basisschool en op de zolder zijn we bezig met een toneelstuk. Ik moet een zwart rokje aan. Eigenlijk wil dat helemaal niet maar het staat in de rol beschrijving en dus heb ik een rok gekregen. 3 medeklasgenoten pakken mij vast in de couliese, juf staat bij de deur, ver bij het podium vandaan . Ze trekken mijn rok omhoog, een van hen heeft zo’n grote gouden bus met haarlak. 2 hebben mij nu vast, de ander spuit de haarlak onder mijn rok. Onder luid gelach ruk ik mij los, ik ren naar de deur van de zolder en huil. 

Die intense etters zie ik elke dag. Het was de tijd dat ik dacht dat kinderlokkers nare mensen waren. Mensen van een afstand, mensen met wie ik nooit iets te maken wilde hebben, mensen waarvoor ik bang was. Mensen die macht over je hadden.

Acte 2, deel 1: Hij pakt mijn hand vast en ik verstijf. Ik trekt hem terug maar hij kijkt mij recht in de ogen. Ik ben stil. Hij trekt harder aan mijn hand. Ik raak verward. Ik vind hem super leuk. Maar seks voor het huwelijk is niet oké. Ik heb nu zijn piemel vast en hij heeft zijn hand strak om de mijne geklemd. Waarom wil ik dit niet? Waarom vind ik dit niet leuk? Veel van mijn vriendinnen doen het dus misschien ben ik wel gewoon bang omdat ik het nog nooit gedaan heb, ik ben al 16! Even doorzetten nu, nee ik vind het echt niet leuk. Mijn hoofd schreeuwt laat me los maar ik durf niet. Ik probeer mijn hand zachtjes los te wurmen maar als ik echt los wil komen moet ik me gaan verzetten en dan denkt hij vast dat ik een mietje ben en niet durf.
Mijn hemel wat voel ik me goor, ik was wel 3x meer mijn handen. Als ik van de wc kom kijkt hij super blij en zegt dat hij van me houdt. Ik hou ook van hem, toch?

Mijn beide ouders hebben altijd gezegd dat ik nee mag zeggen, dat ik me nooit verplicht moet voelen om dingen tegen mijn zin te doen. Ze hebben mij geleerd dat mijn lijf van mij is en dat niemand daar zomaar aan mag zitten. Ook hebben ze mij verteld dat ik binnen een relatie niets verplicht ben en dat je pas dingen moet doen als je dat zelf echt wil.
Zijn moeder heeft hem ook verteld dat seks voor het huwelijk niet mag, daar heb ik het met haar zelfs over gehad. Maar wat is seks? Hadden zijn ouders beter moeten weten, dat het toch wel gebeurt en hadden ze hem moeten vertellen dat je echt aan een meisje moet vragen of ze iets: “echt wel wil doen?” En dat je dus niet zomaar, omdat je zelf opgewonden bent, iemands hand moet vastpakken….

Door #metoo verhalen leert men een belangrijke les. De jagers zijn niet alleen de vreemde mannen die tegen je fluiten. Het zijn ook jongens die je heel goed kent. Mannen met wie ik date, iets heb gehad en die zeiden dat ze van mij hielden.
Het zijn mannen bij wie ik keer op keer geen grenzen durfde aan te geven. Hierdoor gaf ik mijzelf te schuld; dit kwam natuurlijk omdat ik lesbisch was en toch verkering had met een jongen. Omdat ik als christen vond dat ik grenzen moest aangeven maar dat in de praktijk helemaal niet lukte met jongens. Omdat mijn vrienden het ook gewoon deden…. Omdat ik een lieve leuke jongen had die toch ook recht had op seksualiteit… Ik had duizend redenen.

Ik heb geen open wonden hiervan. Ik sta nu weer onbevangen en blij in het onderwerp seksualiteit.
De reden dat ik dit deel is dan ook niet om te ventileren, de pijn van mijzelf af te schrijven of om te choqueren o.i.d. Het is ook niet zo dat ik boos ben op die jongens! Voor mij is dat een afgesloten hoofdstuk waar ik met sommige van hen over heb kunnen praten.
Mijn fragmenten zijn klaar en afgerond. Maar #metoo is dat niet. En ondertussen staat er alweer een nieuwe generatie klaar met meiden.
De reden dat ik dit schrijf is dan ook dat ik door de #metoo actie des te meer realiseer dat we in onze gemeenschappelijke opvoeding van de jeugd nog heel veel winst te halen hebben. En dat is goed nieuws!
Ik sta zo vaak voor een klas waarbij ik vertel over seksuele diversiteit, ik ontkom dan niet aan een stuk seksuele voorlichting. Ik weet niet hoe maar ik wil dat er meer aandacht komt met name voor de jongens en hoe zij met meisjes omgaan terwijl de hormonen door hun lijf gieren. Natuurlijk is het donders goed dat we meisjes leren om grenzen aan te geven. Ik vind het fantastisch als zij horen dat je ook binnen relaties, ook als je verliefd bent, mag zeggen dat je dingen niet wilt en dat je niet hoeft te tolereren dat mensen aan je zitten of je dwingen. Maar met die jongens moeten we ook wat, hoe gaan zij om met hun opwinding? Hoe weten zij zeker dat een meisje wil? Hoe kunnen zij ervoor zorgen dat ze niet over grenzen van een meisje gaan, ook als een meisje zelf moeite heeft om dit aan te geven/ onervaren is oid? Ik denk hierover na en hoop dat veel mensen hierover na zullen denken. Hopelijk zullen de #metoo verhalen dankzij nog betere educatie verdwijnen!

Agenda

Het nieuwe school- en kerkelijk jaar is weer begonnen. De aanvragen voor (s)preekbeurten stromen binnen. Een greep uit mijn agenda:

– 5 t/m 8 oktober spreken op het European Lesbian Congress in Wenen.
– Wie van de Drie op het Stedelijk gymnasium Leeuwarden, Beijers Naudé Leeuwarden
– Pestworkshop MBO Friese Poort
– Seksuele diversiteitsles te Sneek
– Leven met een handicap workshop bij 1e jaars leerlingen die de zorg in gaan
– Presentatie seksuele diversiteit kerkenraad van een Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt
– Informatie avond bij een kerkelijke gemeente; diversiteit
– Spreken op een vrouwenvereniging in Parrega

Wilt u nou ook een goede spreekbeurt over seksuele diversiteit, leven met een handicap of een interactieve les over pesten neem dan contact met mij op! Ik beantwoord graag al uw vragen en mails.

en in het Nedelands Dagblad

http://www.nd.nl/artikelen/2014/november/14/uit-de-kast-en-uit-de-kerk

Uit de kast én uit de kerk

Je komt als homo of lesbienne in de kerk uit de kast. Wat gebeurt er dan? Miriam van Tunen beschrijft haar eigen worsteling en de zoektocht waarin haar kerkelijke gemeenschap terechtkomt.
In Van achter de kast beschrijft Miriam van Tunen hoe ze als lesbienne uit de kast komt voor haar familie, vrienden en gemeente. Een verhaal als dit is niet nieuw, maar toch de moeite waard om te lezen. Van Tunen kiest er namelijk voor alles te vertellen.
Ook eigen keuzes waarvan ze achteraf spijt heeft. Ze reflecteert op haar eigen emoties en keuzes – ze heeft de opleiding Sociaal Pedagogische Hulpverlening afgerond – maar lijkt situaties niet altijd rationeel te kunnen beoordelen.
geluksvogels
‘Ik vind ons geen slachtoffers, ik vind ons geluksvogels’, schrijft ze op een van de laatste bladzijden van haar boek over zichzelf en haar vrouw Liesbeth. En hoewel te proeven is dat ze gelukkig is met haar vrouw, met haar keuzes en met haar leven, zet ze zichzelf in haar boek toch zo nu en dan stevig neer als slachtoffer. Al in het voorwoord schrijft ze dat ze vindt dat iedereen het verdient om zich veilig, geborgen, geaccepteerd en geliefd te voelen, maar dat zij, vanuit de christelijke gemeenschap, vele malen is buitengesloten, gediscrimineerd en veroordeeld.
Van Tunen beschrijft in haar boek een proces van een aantal jaar. Een brief aan de jeugdraad – Van Tunen was jeugdleidster – een mailwisseling met een vriendin die gaat trouwen en haar vraagt niet te schuifelen met haar vriendin: Van Tunen geeft ons een inkijkje in reacties van allerlei mensen op haar coming-out.
nog niet klaar
Ze schrijft dat ze in het conflict met de kerk discriminatie voor het eerst aan den lijve heeft ondervonden. ‘Een vorm van discriminatie die verder gaat dan pesten. Het is veel manipulatiever omdat er zoveel lieve woorden aan vastzitten. “We houden van je”, maar je mag niet meer meedoen.’ Haar gevoel afgewezen te zijn is goed te volgen, maar de conclusie die ze trekt – dat de kerk haar pest en manipuleert – niet.
Door zulke uitspraken komt Van Tunen nu en dan onsympathiek over. Fanatiek vecht ze voor haar rechten als homoseksueel. Aan de vriendin die gaat trouwen en aan Van Tunen vraagt zich ‘aan te passen op het gebied van intimiteit met elkaar’, mailt ze: ‘Ik wens gelijk behandeld te worden zoals anderen, ik ben niet anders dan welk heterostel ook. Het is onhoudbaar als je degene van wie je houdt niet mag aanraken.’ Ze besluit niet bij de bruiloft aanwezig te zijn en de vriendschap af te breken.
nieuw bestaan
Van Tunen probeert geloof en homoseksualiteit te integreren. ‘Een missie waarin ik faalde’, schrijft ze. ‘Ik probeerde een nieuw bestaan op te bouwen en bezocht verschillende kerken. Nergens lukte het. Steevast kregen Liesbeth en ik hetzelfde antwoord: we zijn nog niet klaar voor mensen zoals jullie.’ Ze vertelt dat een bespreking met de Gereformeerde Kerk vrijgemaakt er nooit is gekomen.
Over haar contact met de Christelijk Gereformeerde Kerk schrijft ze: ‘Ze wilden ons niet in de kou laten staan en deden het aanbod om pastorale gesprekken met ons aan te gaan. Hier hadden wij zelf niet zoveel behoefte aan. Inmiddels hadden we voor onszelf wel een weg gevonden met het geloof en onze geaardheid.’ Bij de Baptistengemeente konden ze geen lid worden of taken vervullen.
kerk die niet bestaat
Eigenlijk kon ze nergens terecht. ‘Ik had eerst met mijzelf aan de slag moeten gaan. Ik heb het veel te snel verteld. Ik heb het verteld toen ik midden in de strijd zat, in de hoop dat ik hulp zou ontvangen, maar de plek waar ik die hulpvraag neerlegde was een plek die hier zelf nog lang niet aan toe was.’
Ze zoekt een kerk die niet bestaat: een kerk die haar Bijbelse visie op homoseksualiteit niet oplegt aan haar leden, maar die haar leden verwelkomt, ongeacht hun manier van leven. En ze zoekt medechristenen die haar niet voor negentig, zelfs niet voor honderd, maar voor honderdtien procent accepteren en haar dezelfde ‘rechten’ geven als heteroseksuele christenen. Ze verwacht begrip en acceptatie, maar begrijpt zelf soms weinig van haar omgeving.
reflectie
Het boek kan behulpzaam zijn voor homoseksuele christenen, juist omdat Van Tunen zo veel reflecteert op zichzelf. Tegelijk kan het christenen en kerkelijke gemeenschappen helpen in de communicatie. Het laat zien hoe je langs elkaar heen kunt praten en biedt handvatten hoe het anders zou kunnen. Je ziet hoe gevoelig het onderwerp ligt, leert over de belevingswereld van homoseksuele christenen en ontdekt dat woorden al snel anders overkomen dan dat ze bedoeld zijn. Misschien is de grootste les wel die uit het verhaal van Van Tunen te trekken valt, voor beide kanten: probeer eerst een ander te begrijpen voordat je zelf begrepen wilt worden.
geloofVan achter de kast
Miriam van Tunen. Uitg. Kok, Utrecht 2014. 144 blz. € 15,99

interview op cip.nl

http://www.cip.nl/artikel/45451/Kerken-kunnen-hard-zijn-tegen-lesbiennes

“Kerken kunnen hard zijn tegen lesbiennes”

gepubliceerd donderdag 6 november 2014 08:20 door Dick van den Bos

Miriam van Tunen kwam uit de kast in de kerk

“Ik leidde een vrouwengroep in de kerk. Dat ging altijd goed, totdat ik na een presentatie zei: ‘Ik moet jullie iets vertellen. Ik ben verliefd geworden op een meisje.’ Er viel een stilte en het bestuur ging kijken wat ze er mee gingen doen. Na een tijdje werd mij medegedeeld: ‘We hebben besloten dat als je deze zondige weg kiest, we niet meer met je samenwerken’”, vertelt Miriam van Tunen, schrijfster van het boek Van achter de kast. Ze laat in het boek zien hoe het is om in een christelijke gemeenschap uit de kast te komen.

In haar boek wil Van Tunen niet rancuneus zijn naar de wereld waar ze vandaan komt – een evangelische gemeente in het westen van Nederland -, maar vooral de kwetsbare positie waar ze in zat laten zien. “Als jonge vrouw ben je aan het worstelen met je identiteit. Dat is een hele heftige periode voor mij geweest. Je wilt op zo’n moment niets liever dan liefde van de mensen om je heen, die je proberen te helpen en te steunen. Maar nu was ik een zwarte zwaan tussen allemaal christelijke heilige witte zwanen. Mensen probeerden me niet echt te begeleiden, maar ik werd naar de zijlijn geduwd. Terwijl ik God echt in mijn worsteling probeerde te betrekken.”
Miriam denkt veel terug aan deze situatie, en kan inmiddels meer begrip opbrengen. “Ik dacht dat het liefdeloos was, maar nu denk ik dat mensen ook gewoon schrokken en er geen raad mee wisten. Ik kwam later een vrouw uit de kerk tegen. Ze zei: ‘Ik ben blij dat ik je nu zie, want ik heb je vijf jaar geleden niet goed behandeld. Ik had er voor je moeten zijn, maar ik werd er zo door overvallen.’” Terug gaan naar de kerk voor een gesprek was desondanks lastig. “Ik stuurde brieven naar de kerkenraad, maar ik kreeg geen brief terug.”
Het maakte dat Miriam de kerk verlaten heeft. “Het was voor ons nieteenvoudig om een kerk te vinden. In Leeuwarden, waar we nu wonen, zijn kerken er óf niet klaar voor, of je hebt geen mogelijkheid om als lesbische vrouw taken uit te voeren. Of je kunt er niet aan het avondmaal. Maar het enige wat wij er nog aan doen is samen bidden. Ik beschouw me als een christen met een hoop vragen.”
Naast het schrijven van haar boek geeft Miriam voorlichting op scholen namens het COC. Een organisatie die in christelijke kringen vaak gewantrouwd wordt. “Ik snap dat wel. De doelstellingen zijn tegenovergesteld. Aan de andere kant is het beeld van de organisatie wel selectief. Het wordt in verband gebracht met de emancipatiestrijd. Maar ze doen veel meer. Jongeren die vanwege hun geaardheid uit huis gezet zijn, vangen ze op. Ze bieden steun aan homojongeren die gepest worden of zelfmoordneigingen hebben. Eigenlijk een taak die de kerk op zou moeten pakken.”
“Tijdens mijn voorlichtingslessen probeer ik christelijke jongeren niet te overtuigen, hoor. Ik wil de blik alleen iets breder krijgen. Dat ze weten dat zo’n vijf tot zeven procent van de Nederlanders homo is en dat ze inzien wat voor strijd je in deze tijd nog moet leveren om uit de kast te komen. En ik wil christelijke mensen een spiegel voorhouden. De manier waarop ze hun principes uitleggen kan erg hard kan zijn in een kwetsbare periode.”